Oefenstof

Hier komen voorbeeldoefeningen voor trainingen

BIJSCHOLING:

“Het aanleren van het schot uit stand”

STAP VOOR STAP, MET PRAKTISCHE TIPS.

Amsterdam, december 2000                                        Sportconsulenten district Noord-West:

door: Eric Geijtenbeek                                    Leon Simons & Eric Geijtenbeek

DEEL 1: SCHOT UIT STAND

Waar moet ik op letten met schieten van afstand:

De eerste stappen voor het goed leren bovenhands te schieten van afstand.

1.  Ik moet opletten dat ik de bal goed in mijn handen heb:

mijn duimen zijn achter de bal(wijzen iets omhoog), mijn vingers zijn gespreid aan

de zijkant van de bal.

2.  Ik moet de bal voor mijn neus houden en over de bal naar de korf kijken.

DEEL 1: SCHOT UIT STAND - trainers exemplaar!

Waar moet ik op letten met schieten van afstand:

De eerste stappen voor het goed leren bovenhands schieten van afstand (2 à 3 meter)

De kinderen zullen kunnen opmerken dat ze in de wedstrijd niet zoveel tijd hebben om deze stappen te kunnen uitvoeren. Belangrijk is dat de trainers blijven benadrukken dat door dit veel op de training te oefenen het later van zelf (sneller) goed gaat.

We kennen 4 fasen in het leerproces:

1.Aanleren   2.Oefenen    3.Inslijpen   4.Automatiseren

Fase: AANLEREN

1.  Ik moet opletten dat ik de bal goed in mijn handen heb: 

mijn duimen zijn achter de bal(wijzen iets omhoog), mijn vingers zijn gespreid aan

de zijkant van de bal (om de bal makkelijk en goed vast te houden).

Hulpmiddel: met een water afwasbare stift de handenstand omtrek

op de (oude!) bal zetten(per 2-tal 1 bal), naam van het kind er in schrijven. Zo kan

ieder kind zien hoe zijn/haar handen de bal moeten vast houden.

Fase: AANLEREN

2. Ik moet de bal voor mijn neus houden (niet tegen neus!) en over de bal naar de

korf kijken. Dit voorkomt dat het kind de bal onder de kin vandaan haalt en dus

nooit kan leren meten.

De beste plek om te kunnen zien of een kind dit alles juist doet is door achter het kind te gaan staan.

Dit is invulling voor 10 minuten training.

Het is wel noodzakelijk om telkens weer te herhalen. Het niveau is per kind verschillend, indien een kind deze stappen redelijk tot goed beheerst kan worden over gegaan naar de volgende stap(pen).

Let op: blijf individueel corrigeren!!!

Af te sluiten met een schotspel, maar wel een schotspel zonder tijdslimiet!! Als ze snel moeten schieten verwaarlozen ze de techniek!!!

Schotspel: vierkant schieten.

5 keer schieten voor de korf, hoeveel keer schiet je raak?

5 keer schieten naast de korf, 5 keer achter- en 5 keer naast de korf.

Benadruk, dat ze de tijd nemen om op een juiste manier moeten schieten! (grootste kans om raak te schieten!)

DEEL 2: SCHOT UIT STAND

Waar moet ik op letten met schieten van afstand:

Herhaling:

1.  Ik moet opletten dat ik de bal goed in mijn handen heb:

mijn duimen zijn achter de bal(wijzen iets omhoog), mijn vingers zijn gespreid aan

de zijkant van de bal.

2.  Ik moet de bal voor mijn neus houden en over de bal naar de korf kijken.

Nieuwe stap:

3.  Ik moet opletten mijn voeten naast elkaar staan, zodat er 1 voet tussen kan en dat mijn tenen recht vooruit wijzen naar de korf.

Dan moet ik door mijn knieën zakken(bal blijft voor mijn neus) en recht omhoog

springen en de bal tegelijk schieten.

DEEL 2: SCHOT UIT STAND - trainers exemplaar!

Waar moet ik op letten met schieten van afstand:

De eerste stappen voor het goed leren bovenhands schieten van afstand (2 à 3 meter)

De kinderen zullen kunnen opmerken dat ze in de wedstrijd niet zoveel tijd hebben om deze stappen te kunnen uitvoeren. Belangrijk is dat de trainers blijven benadrukken dat door dit veel op de training te oefenen het later van zelf (sneller) goed gaat.

Fase: OEFENEN

1.  Ik moet opletten dat ik de bal goed in mijn handen heb: 

mijn duimen zijn achter de bal(wijzen iets omhoog), mijn vingers zijn gespreid aan

de zijkant van de bal (om de bal makkelijk en goed vast te houden).

Hulpmiddel: met een water afwasbare stift de handenstand omtrek

op de (oude!) bal zetten(per 2-tal 1 bal), naam van het kind er in schrijven. Zo kan

ieder kind zien hoe zijn/haar handen de bal moeten vast houden.

Fase: OEFENEN

2.Ik moet de bal voor mijn neus houden (niet tegen neus!) en over de bal naar de korf kijken. Dit voorkomt dat het kind de bal onder de kin vandaan haalt en dus nooit kan leren meten.

De beste plek om te kunnen zien of een kind dit alles juist doet is door achter het kind te gaan staan.

 Nieuwe stap:

Fase: AANLEREN

3.  Ik moet opletten mijn voeten naast elkaar staan, zodat er 1 voet tussen kan(schouderbreedte) en dat mijn tenen recht vooruit wijzen naar de korf.

Dan moet ik door mijn knieën zakken (bal blijft voor mijn neus; dit om de veel

voorkomende fout - onder kin vandaan schieten - te voorkomen) en recht omhoog

springen en de bal tegelijk schieten. De kracht voor het schot komt voornamelijk

uit de benen, de armen zijn er voornamelijk om de richting te bepalen.

Goed fel inveren en uitveren levert een sprong op met voldoende kracht om de

korf te halen. Veel voorkomende fout is dat kinderen lang door knieën blijven

zitten, dit levert geen kracht op, maar kost kracht.

Let op: blijf de eerste stappen in de gaten houden en  individueel corrigeren!!!

DEEL 3: SCHOT UIT STAND - trainers exemplaar!

Waar moet ik op letten met schieten van afstand:

De stappen voor het goed leren bovenhands schieten van afstand (2 à 3 meter)

Fase: INSLIJPEN

1.  Ik moet opletten dat ik de bal goed in mijn handen heb: 

mijn duimen zijn achter de bal(wijzen iets omhoog), mijn vingers zijn gespreid aan

de zijkant van de bal (om de bal makkelijk en goed vast te houden).

Hulpmiddel: met een water afwasbare stift de handenstand omtrek

op de (oude!) bal zetten(per 2-tal 1 bal), naam van het kind er in schrijven. Zo kan

ieder kind zien hoe zijn/haar handen de bal moeten vast houden.

Fase: INSLIJPEN

2.Ik moet de bal voor mijn neus houden (niet tegen neus!) en over de bal naar de korf kijken. Dit voorkomt dat het kind de bal onder de kin vandaan haalt en dus nooit kan leren meten.

De beste plek om te kunnen zien of een kind dit alles juist doet is door achter het kind te gaan staan.

Fase: OEFENEN

3.  Ik moet opletten mijn voeten naast elkaar staan, zodat er 1 voet tussen kan(schouderbreedte) en dat mijn tenen recht vooruit wijzen naar de korf.

Dan moet ik door mijn knieën zakken (bal blijft voor mijn neus; dit om de veel

voorkomende fout - onder kin vandaan schieten - te voorkomen) en recht omhoog

springen en de bal tegelijk schieten. De kracht voor het schot komt voornamelijk

uit de benen, de armen zijn er voornamelijk om de richting te bepalen.

Goed fel inveren en uitveren levert een sprong op met voldoende kracht om de

korf te halen. Veel voorkomende fout is dat kinderen lang door knieën blijven

zitten, dit levert geen kracht op, maar kost kracht.

Nieuwe stap:

Fase: AANLEREN

4.  Ik moet na mijn schot de bal blijven nawijzen. (Armen wijzen evenwijdig gestrekt na de korf) Als ik alles goed heb gedaan kan ik mijn armen omhoog houden om te juichen voor het doelpunt dat ik heb gemaakt. (tussen je twee handen kun je de korf zien).

Fase: AANLEREN

5. Ik moet met mijn voeten bij een lijn beginnen en met schieten moet ik recht omhoog springen en op bijna dezelfde plaats weer terecht komen. Ik mag dus niet te ver over de lijn heen komen! (Dus niet naar voren of achteren springen)

 

Als ze de laatste stap in fase 2: oefenen zitten kun je het volgende doen:

EXTRA:

De schutter staat klaar (voetenstand goed, handenstand) met zijn handen om een denkbeeldige bal. De andere pupil moet de bal precies in de handen van de schutter gooien. De schutter mag pas schieten als de bal goed is aangekomen.

Officiële website van de Houtense korfbalvereniging Victum
Copyright 2011 © kv Victum - Houten
Alle rechten voorbehouden
Powered by Drupal, an open source content management system